OCLC Members Council bespreekt overeenkomsten en verwelkomt verschillen tussen de bibliotheken die samen het internationale collectief vormen
Dublin, Ohio, VS, 11 november 2008 – De OCLC Members Council is van 19 tot 21 oktober bijeengekomen in Dublin, Ohio, om overeenkomsten in en verschillen tussen bibliotheken overal ter wereld te bespreken en verder te werken aan de geplande overstap naar verschillende Regional Councils en een Global Council om de deelname in OCLC uit te breiden. Daarnaast werd een afgevaardigde voor de Board of Trustees van OCLC gekozen.
Onder leiding van de voorzitter van de Ledenraad, Loretta Parham, tevens bibliotheekdirecteur en CEO van het Atlanta University Center, kregen de afgevaardigden ook verslagen te horen van het OCLC management en OCLC medewerkers en werden de plannen en activiteiten van de wereldwijd samenwerkende bibliotheken besproken.
Kathleen Imhoff, executive directeur en CEO bij de Lexington Public Library in Kentucky, werd door de Members Council gekozen in de Raad van Toezicht van OCLC. Imhoff, die bij een openbare bibliotheek werkzaam is, is voor een termijn van vijf jaar gekozen. Zij is een voorstander van de vorming van wereldwijde bibliotheeknetwerken en heeft ruime ervaring in het opstellen van begrotingen en contracten, projectmanagement, samenwerking en strategische planning.
"Ik vind dit een fantastische kans om mijn ervaring in te zetten voor OCLC en bij te dragen aan de totstandkoming van betaalbare informatiediensten voor mensen overal ter wereld," aldus Imhoff in haar nominatieverklaring.
Larry Alford, voorzitter van de Raad van Toezicht van OCLC en dean of libraries aan de Temple University, gaf een samenvatting van de verantwoordelijkheden van de raad. Hij zei dat de Board of Trustees zorgdraagt dat OCLC trouw blijft aan de publieke doelstelling, een financieel gezond, zakelijk samenwerkingsverband blijft, en dat "wij een sterke, evenwichtige en zinvolle samenwerking doorgeven aan de volgende generatie."
Bespreking mondiale kwesties In de openingssessie van de raad behandelden drie sprekers de overeenkomsten in en verschillen tussen bibliotheken overal ter wereld.
Graham Jefcoate, directeur van de Universiteitsbibliotheek aan de Radboud Universiteit te Nijmegen, vestigde de aandacht op de cultuur van het nieuwe internationale samenwerkingsverband van OCLC. Hij merkte op dat de verschillen in locatie en taal van invloed zijn op de communicatie en participatie binnen OCLC. Hij zei dat politieke, ideologische, sociale en culturele verschillen de context beïnvloeden waarin bibliotheken moeten werken en de externe druk waaronder zij staan. De economische omstandigheden lopen sterk uiteen en kunnen bepalend zijn voor de middelen die bibliotheken tot hun beschikking hebben.
"Er zijn inderdaad verschillen, maar bibliotheken die in OCLC samenwerken, hebben ook een visie en een aantal waarden gemeen," aldus Jefcoate. "De wereld zit te springen om goede informatie. Bibliotheken moeten concurreren met diverse andere goede informatiebronnen en dus moeten we bewijzen dat wij meerwaarde hebben. Voorbeelden van toegevoegde waarde zijn overal te vinden. Alle mogelijke inspiratie, zowel persoonlijke als professionele, uit welke bron dan ook, kunnen we goed gebruiken. Daarom is mondiaal denken niet alleen leuk, het is ook slim. Het zou zelfs ons professionele leven kunnen redden."
Chew Leng Beh, directeur Library and Professional Services en directeur SILAS bij de National Library Board (NLB), legde uit hoe bibliotheken werken in Singapore. Hij merkte op dat de NLB zowel de nationale bibliotheek als de openbare bibliotheken beheert.
"In 1994 hebben we onszelf het ambitieuze doel gesteld om binnen acht jaar een bibliotheekstelsel van wereldklasse te worden," verklaarde Beh. "Dus, wat is er vandaag de dag zo bijzonder aan bibliotheken in Singapore? Klanten zijn gewoonweg dol op ons!"
Volgens Chew Leng Beh is het geheim tot het succes van de inspanningen van de National Library Board om de bibliotheken in Singapore te veranderen, een zeer eenvoudig marketingprincipe: de klant centraal stellen. "We hebben ervoor gezorgd dat al onze diensten handig, toegankelijk, betaalbaar en nuttig zijn," legde hij uit.
In 1995 is men in Singapore begonnen met het verzamelen van gegevens om de klanttevredenheid te meten. De circulatie en het aantal bezoeken aan de bibliotheken zijn sindsdien aanzienlijk toegenomen.
Gwenda Thomas, bibliotheekdirecteur aan de Rhoades University in Grahamstown, Zuid-Afrika, hield een voordracht over "Zuid-Afrika en het tweede decennium van democratie: wat onze bibliotheken bijzonder maakt." Thomas schetste de context voor de veranderingen in Zuid-Afrika en de manier waarop bibliotheken in dat land functioneren. "Wat betreft de overgang van een tijdperk van apartheid naar een van eenheid, is in Zuid-Afrika een wonder geschied," zei zij.
Zij merkte op dat het nationale wetgevende kader garandeert dat "het recht op toegang tot informatie" voor alle burgers is vastgelegd in de in 1996 aangenomen Grondwet, de grondwettelijke verklaring van rechten en bevordering van een wet op toegang tot informatie.
Volgens Thomas spannen de Zuid-Afrikaanse bibliotheek- en informatiediensten zich in om te voldoen aan de ontwikkelingsbehoeften van een jonge democratie. Deze bibliotheek- en informatiediensten moeten concurreren met nationale onderwerpen als armoedebestrijding, maatschappelijke verandering en economische ontwikkeling, sociale cohesie en het opbouwen van de natie. "De behoeften zijn enorm", vertelde Thomas.
"Wat de bibliotheken in Zuid-Afrika uiteindelijk zo bijzonder maakt, zijn de bibliotheekmedewerkers, die zowel individueel als gezamenlijk de sector voorzien van leiderschap en visie, die voortdurend bibliotheken en het personeel inspireren, motiveren en nieuwe kracht geven om alle doelen te kunnen behalen op het gebied van economische en maatschappelijke ontwikkeling, zoals die door onze mensen zijn opgesteld," besloot Thomas.
Barbara Dewey, Dean of Libraries en professor aan de University of Tennessee, leidde de discussie over de mondiale kwesties waarmee bibliotheken te maken hebben. "We moeten ons echt concentreren op wat we willen bereiken. Volgens mij spenderen we in organisaties zoals OCLC en vele andere waarbij wij zijn betrokken, enorm veel tijd aan processen. In plaats daarvan zouden we onze aandacht moeten richten op projecten en initiatieven voor het algemene welzijn, hoe we vooruit willen komen en hoe we de kennis van de wereld bij gebruikers kunnen brengen met al de verschillende behoeften zoals die vandaag tot uitdrukking zijn gebracht."
Rein van Charldorp, managing director bij OCLC EMEA, besprak enkele van de uitdagingen bij het werk in bibliotheken in Europa, het Midden-Oosten & Afrika. Verschillen in taal, valuta, catalogiseringsregels en indelingen vormen uitdagingen bij het werken voor bibliotheken in deze regio's. "OCLC EMEA is volledig geïntegreerd met alle verrichtingen van OCLC," stelde Charldorp. "OCLC heeft één internationale strategie, één technische divisie, waar de drie ontwikkelingscentra in Europa onder vallen, en onze bijdragen zijn volledig geïntegreerd."
Speciale collecties in een mondiaal perspectief Alice Prochaska, bibliothecaris aan de Sterling Memorial Library van Yale University, besprak de waarde van bijzondere collecties en de mogelijkheid om deze collecties door middel van digitalisering te delen. Prochaska was Director of Special Collections voor de British Library voordat zij haar huidige positie in Yale betrok.
"Het is absoluut onmogelijk te definiëren wat 'bijzondere collecties' precies inhoudt," verklaarde Alice Prochaska. "Als voorzitter van de ARL Special Collections Working Group kan ik zeggen dat we vooral niet moeten proberen te definiëren wat bijzondere collecties zijn. Als het al moeilijk is voor verschillende culturen om elkaar te begrijpen, hoeveel moeilijker moet het dan niet zijn voor onze bibliotheken om te begrijpen dat elke bibliotheek een bijzondere collectie op een andere manier definieert?"
Volgens Prochaska is digitalisering een voor de hand liggend instrument om bijzondere collecties te delen. Bibliotheken richten steeds meer de aandacht op het op grote schaal digitaliseren van bijzondere collecties. Dat roept allerlei problemen en kosten op, en vragen over de kwetsbaarheid van de originelen.
Prochaska besprak de iconische en de onderzoekswaarde van bijzondere collecties. Sommige manuscripten hebben bijvoorbeeld een iconische waarde – een waarde voor mensen die vinden dat die collecties hun eigen persoonlijke en culturele erfgoed vertegenwoordigen. "Maar tevens is het iets dat moet worden onderzocht en uitgediept en begrepen. Als we niet deelnemen in het iconische erfgoed van andere culturen, hoe kunnen we er dan over leren?"
Zonder metadata zouden er geen digitalisering of bijzondere collecties zijn, aldus Prochaska. "Daarom is het werk van OCLC van zo'n groot belang voor ons allemaal – ter ondersteuning van het hele principe van catalogisering. Het beschrijven, openbaar maken en discovery moeten plaatsvinden als onderdeel van ons samenwerkingsverband," zei ze.
Verslag van de president van OCLC Jay Jordan, CEO en president van OCLC, heeft de afgevaardigden bijgepraat over de plannen en activiteiten van OCLC.
"Bij het uitbouwen van de webschaal voor bibliotheken richten we onze aandacht op vier hoofddoelen: het creëren van een aantrekkelijke gebruikersomgeving, ervoor zorgen dat de webdiensten van WorldCat een waardevol onderdeel worden van de bibliotheekactiviteiten, het vergroten van de internationale relevantie en de vertrouwenspositie van OCLC en het bibliotheekmanagement door het hele systeem efficiënter te maken," stelde Jordan. "Deze doelstellingen vullen elkaar aan. Samen leiden ze ons naar de volgende generatie OCLC diensten."
Lorcan Dempsey, vicepresident Programs & Research en strategiebepaler bij OCLC, ging in op OCLC’s activiteiten in het helpen van bibliotheken bij definiëren van hun aanwezigheid op internet.
"Dankzij het internet kunnen organisaties schaalgrootte creëren – door de concentratie van elektronische bronnen, toepassingen en data – en de voordelen van die schaal via het web ten goede laten komen aan grote groepen gebruikers," stelde Dempsey. "OCLC bestaat om het management van bibliotheken overal in het systeem efficiënter te maken en de impact daarvan te vergroten in aantrekkelijke gebruikersomgevingen. De sleutel tot elk van deze doelen in een webomgeving is schaalgrootte en het ten goede laten komen van de schaalvoordelen aan zoveel mogelijk bibliotheken en bibliotheekgebruikers.”
Daarnaast besprak de Ledenraad van OCLC de laatste herzieningen in het beleid voor gebruik en overdracht (Policy for Use and Transfer) van WorldCat Records. Het beleidsdocument staat nu op de website van OCLC.
De afgevaardigden bespraken tevens de overgang van de Ledenraad in een mondiale en een aantal regionale raden. In mei 2008 keurde de Members Council van OCLC de wijzigingen in de organisatiestatuten en het reglement goed, die waren aanbevolen door de Board of Trustees. Deze wijzigingen dienen ter omvorming van de huidige Ledenraad in een Global Council die in verbinding staat met verschillende Regional Councils rondom de wereld. De nieuwe Global Council vervangt de Members Council in een overgangsperiode die naar verwachting minstens een jaar gaat duren en die wordt gecoördineerd tussen de vertegenwoordigers van de Members Council van 2008-2009 en de Board of Trustees.
De raad nam twee resoluties aan die waren voorgesteld door het uitvoerend comité van de Ledenraad. De eerste had betrekking op de vestiging van implementatiecommissies die de drie regionale raden moeten gaan organiseren. Deze regionale commissies zullen worden voorgezeten door Chew Leng Beh voor de regio Zuid-Oost Azië, Berndt Dugall, directeur en bibliothecaris aan de Universität Frankfurt voor de regio Europa, Midden-Oosten & Afrika, en Patrick Wilkinson, directeur bij de University of Wisconsin-Oshkosh voor de regio Noord- en Zuid-Amerika. De tweede resolutie werd unaniem aangenomen door de Members Council. Hierin wordt het proces beschreven voor de overgang naar een uitvoerend comité van de Global Council waarin de drie voorzitters plaatsnemen die tevens de leden van de groep vormen. Jan Ison, Executive Director bij Lincoln Trail Libraries System (ILLINET), de huidige vicevoorzitter en gekozen nieuwe voorzitter van de Members Council, gaat fungeren als de eerste voorzitter van de nieuwe Global Council van OCLC in 2009-2010.
Audio- en video-opnamen van de bijeenkomst van de Members Council in oktober vindt u op de website van OCLC.
Over de Members Council De Members Council van 66 afgevaardigden ondersteunt de missie van OCLC door te dienen als belangrijkste discussieforum en communicatieverbinding tussen de deelnemende bibliotheken, regionale netwerken en andere partners en het OCLC bestuur. Door een kanaal te bieden voor aanbevelingen en vragen van afgevaardigden van de Members Council, veranderingen in de organisatiestatuten goed te keuren en zes leden voor de Board of Trustees te kiezen, helpt de Members Council bij het vormgeven van de toekomst van OCLC.
Over OCLC OCLC, opgericht in 1967 en met hoofdkantoor in Dublin, Ohio, is een organisatie zonder winstoogmerk en op basis van lidmaatschap, die diensten levert en onderzoek uitvoert ten behoeve van bibliotheken. OCLC’s diensten en producten variëren van geautomatiseerd catalogiseren, naslagwerken en resource sharing tot eContent, conserveren, lokaal bibliotheekbeheer en online activiteiten. 69.000 bibliotheken in 112 landen zijn lid van het OCLC samenwerkingsverband. OCLC en zijn lidbibliotheken overal ter wereld bouwen aan en onderhouden WorldCat, de rijkste online bron ter wereld voor het vinden van bibliotheekmaterialen. In Nederland verzorgt OCLC de gemeenschappelijke informatie-infrastructuur, met onder meer het GGC, de NCC, IBL-diensten en PiCarta. Voor meer informatie kunt u terecht op www.oclc.org.
Kijk hier voor meer informatie over OCLC
OCLC, WorldCat.org en WorldCat zijn handelsmerken en/of dienstmerken van OCLC, Inc. Product-, dienst- en bedrijfsnamen van derden zijn handelsmerken en/of dienstmerken van hun respectieve eigenaren.
|